Thumbnail

Je brengt je fiets weg. Een versnelling die hapert, remmen die piepen. Een paar dagen later haal je ‘m op, alles soepel, je rekent af en je rijdt weg. Klaar. Zo gaat het meestal.

En dan, drie weken later, gaat je telefoon.

Het is de fietsenmaker. Niet voor een nieuwe afspraak. Niet om iets te verkopen. Gewoon even, of die versnelling nog goed schakelt. Of de remmen naar wens zijn.

Je staat er even van te kijken. Want dit gebeurt niet vaak. Het kost die man misschien twee minuten. Een belletje tussen twee klussen door. Maar het is precies dat belletje dat je onthoudt. En dat je doorvertelt, op de volgende verjaardag, of als je met je fietsclub ergens op een terrasje zit: “Die fietsenmaker van mij, die belde me na een paar weken gewoon na, uit zichzelf.”

En precies daar zit de kracht. Niet in het afstellen van die versnelling, maar in het verhaal dat ontstaat.

Wanneer werd jij voor het laatst nagebeld door iemand die niets van je wilde verkopen?

Dit voorbeeld illustreert de visie achter mijn boek ‘Iedereen praat erover’, waarin ik beschrijf hoe juist dit soort kleine, onverwachte momenten het verschil maken tussen een tevreden klant en een enthousiaste ambassadeur.